Techniek van de 2CV
Grofweg gezegd bestaat de Eend uit twee delen: het chassis met daarbovenop de koets of carrosserie. Zowel het chassis als de koets zijn 'stijf', dat wil zeggen dat ze zonder problemen van elkaar gescheiden kunnen worden. Alleen roest en onverlaten kunnen hier iets aan veranderen. Chassis en koets zitten slechts met een tiental boutjes aan elkaar vast. Mocht u dus besluiten om van uw Eend een Dyane te maken, dan kan dat in een oogwenk.
Het chassis bestaat uit twee stalen U-balken van voor naar achter, met in het midden een doosconstructie. Het geheel is ruim voldoende in staat om alle onderdelen en passagiers en bagage te dragen. Op voor- en achterkant van de doos zitten twee asbuizen (1) gemonteerd. Aan de uiteinden van deze buizen zitten de vier draagarmen (2) voor de wielen: onafhankelijke wielophanging dus! De vering bestaat uit twee (unieke!) horizontaal geplaatste veerpotten (3), die elk een voor- en achterdraagarm met elkaar verbinden (4). Als het linkervoorwiel wordt omhooggedrukt door een oneffenheid, dan reageert het linkerachterwiel dus mee. Hierdoor ontstaat de heerlijke, soepele vering waar de 2cv om bekend staat!

